HDC Blogs

Achterhoekrit (Deel 2)

De Achterhoekrit 2019, Mijn eerste toertocht met de HDC

Na deze voortreffelijke maaltijd, en het bijbehorende moment van afrekenen, ging ik met mijn spullen naar buiten, nog even van de zon genieten. Maar het was wel erg veel zon, dus vlak bij de motor werd een schaduwplekje gezocht. Daar was het dat ik tot de benauwende ontdekking kwam dat ik mijn sleutels had verloren of ergens laten liggen. Terug in mijn eigen voetsporen dan maar. Maar amper was ik de hoek om, of daar werd geroepen: 'Kijk, dat is hem' en een paar ogenblikken later kon ik mijn sleutels weer in ontvangst nemen. Een sleutelhanger van de Deauville club helpt, maar daarbij ook een sleutelhanger van de CX-club, dat kon maar van één persoon zijn.

Vlak voor het vertrek voor het tweede deel van de route werd me verteld dat iemand met een filmpje bezig was, en dat deze nu als tweede zou rijden. Op handsignalen moest ik inhalen, en de rest zou vanzelf gaan. Zo gezegd, zo gedaan. De juiste plaats in de rij werd ingenomen, en we vertrokken voor het tweede deel van de Achterhoekrit. Een paar kilometer verderop wenkte de filmmaker, en dat was het signaal. Beetje gas, inhalen en zo was dat ook weer gebeurd.

En toen ging er iets mis bij de voorrijder. In plaats van rechtsaf te gaan, werd er rechtdoor gereden. Mijn TomTom gaf wel rechtsaf aan, dus wat was er aan de hand? Een honderd meter verder werd een weggetje aan de linkerkant ingedraaid, nou ja, moet kunnen dacht ik. Maar toen het weggetje in een zandpad veranderde had ik even het idee: euh...vind ik dit nog leuk ?

Ook de voorrijder had de onwenselijkheid van de zandweg gezien, en kennelijk zijn Garmin ernstig toegesproken. Omdraaien, was het motto, en dus draaiden alle zeven motoren op het smalle zandpad om, de een na de ander. Terug naar de weg, maar nog steeds was er verwarring. In plaats van de weg na het brugje, werd de weg voor het brugje ingeslagen, en dat eindigde na een meter of twintig in een minstens zo zwaar begaanbaar zandpad. Dit was het ook niet. Weer draaiden we de motoren om, en ik begon er al een beetje handigheid in te krijgen. Zo heeft elk nadeel zijn voordeel. Gratis les in zandpad keren......

Kilometers verder zagen we de derde groepers staan, op een parkeer-plekje aan de Romiekendijk. Tijd om de benen te strekken. De diverse motoren werden min of meer netjes naast elkaar opgesteld, en dat was voorlopig dat. Maar ik zat me af te vragen hoelang we nog bezig zouden zijn, en belangrijker, hoe laat ik dat thuis zou zijn. Volgens de TomTom zou het nog zeker vijftig minuten duren tot aan het eindpunt in Doetinchem. Daarbij opgeteld de tijd die ik dacht nodig te hebben om vanaf daar naar huis te rijden, en dat zou wel eens later kunnen worden als dat ik gepland had.

Beter om nu direct naar huis te rijden, vond ik. Ik nam afscheid van de overigen en startte de motor. Bij het wegrijden voelde ik dat de helm-kinband niet vast zat, iets wat ik bijna nooit vergeet. Nu wel. Toch een beetje stress? Het verzuim werd hersteld, en de TomTom begon me naar huis te loodsen.

Maar TomTom stond nog op 'Vermijd snelwegen' ingesteld, en dat hoefde nou ook weer niet. Even stoppen dus, en de instellingen wijzigen. Snelste route? Of toch de kortste? Het werd de snelste route, en als het me niet beviel vanwege snelweg of zo dan kon ik makkelijk een andere kiezen. Met de weg naar huis herberekend via de snelste route kwam ik bij de N18 aan. Geen probleem, moet kunnen, vond ik, en draaide de weg op. Verderop veranderde de N18 in een A18, met een snelheidslimiet van 130 km/u. Even een aarzeling. Doen of niet doen, en hoe zat het ook al weer met de wind en zo?

Nu is 130 km/u de maximale snelheid , en niet de minimale. Rustigjes met 100/110 km/u reed ik de weg naar de A12 toe. Het eerste stuk van de A18 was me niet zo heel erg bekend, maar vanaf Doetinchem kende ik de weg wel. Het ging allemaal erg soepel, en ook de wind hield zich in, ik voelde in elk geval geen rukken en vlagen die me uit de koers wilden brengen. Inhalen van auto's en vrachtwagens lukte met deze Deauville ook prima, en binnen de kortste keren was ik bij de A12.

Ook hier was 130 km/u toegestaan, en ook hier vond ik 110 km/u meer dan genoeg. Het verkeer was niet al te druk, de wind speelde amper een rol, en het enige wat me hinderde was het windgeruis. Toch jammer van dat verloren oordopje, bedacht ik me. Er zou zo snel mogelijk een vervangend setje moeten komen.

Tegen vijf uur reed ik de Deauville door de poort, naar het plekje achter het huis. Pootje uit, neerzetten en afstappen. De eerste rit met de HDC zat erop.

En nu..... wordt vervolgd? Of toch niet......…

Achterhoekrit (Deel 1)

De Achterhoekrit 2019, Mijn eerste toertocht met de HDC

Nu heb ik dan een Deauville, en een mooie ook. Ook heb ik me aangesloten bij de Honda Deauville Club, of ook wel Heel diverse Club. En deze club organiseert met enige onregelmaat toertochten in diverse delen van het land. Zal ik? Of zal ik niet? Want de toertocht die in de Achterhoek gereden gaat worden op de 21ste juli, heeft een startpunt ergens vlak boven Doetinchem, en dat is niet zo heel ver van Ede.

Waarom niet? De binnendoor route naar het startpunt werd door de TomTom bepaald, en ruim op tijd vertrok ik. Onder de zomerjas nog wel met een dunne trui, want hoewel het later op de dag meer dan 24 graden zou worden, was het dat nu nog niet. De zomer motorkleding ging aan, de nodige spullen werden in een tas gemikt, de oordopjes werden geplaatst, de sleutels werden opgezocht en zo was ik klaar om te vertrekken.

Ede uit, en de N224 op, de binnendoor weg naar Arnhem. Hoewel de zon langzaam aan kracht begon te winnen was ik toch blij met de extra laag onder het doorwaaijasje. Mijn eerste uitdaging was nu een tankstation. Het eerste Shell station stond aan de verkeerde kant van de N224, de Total iets verderop was geheel geautomatiseerd, en daar had ik even geen zin in, en pas de Shell in Arnhem voldeed aan al mijn eisen. Tijd om te tanken, de tweede keer met deze motor.

En ja, er ging veel meer in dat in een CX, maar, en dat was ook niet onaardig, het verbruik leek boven de 1:20 van de CX te komen. Ik schatte zo voor de vuist weg dat het 1:22, of misschien wel beter zou zijn. Later bleek dat het verbruik gedurende de laatste 289 kilometers 1:22,3 was geweest. Niet slecht !

In Velp vond ik het tijd om even wat anders te doen, en ik programmeerde de TomTom op de snelste route naar het eindpunt, in Doetinchem. Weer bleek dat de TomTom en de iPhone en ik elkaar niet echt begrepen, en het duurde al met al ruim vijf minuten voordat ik weer wegreed. Nu werd ik de snelweg opgestuurd, de A348. Ik wilde wel eens weten hoe dat ging, met de hoge ruit, op de snelweg. De laatste keer was me niet zo heel goed bevallen. Maar toen was de wind ook veel krachtiger.

De A348 is een rustig stukje snelweg, en vanaf het punt waar ik de weg opkwam tot waar de A348 ophield was minder als vijftien kilometer. Maar toch, het ging rustigjes, snel en zonder problemen, en wat belangrijker was, ook zonder zijwind-gevoeligheden. Dat geeft weer wat meer vertrouwen in de wind-handelbaarheid van deze Deauville.

Braaf de TomTom volgend arriveerde ik rond 10:30 bij hotel 'De Kruisberg' in Doetinchem. Het leek erop dat ik op het juiste punt was, maar er stonden behalve een paar Deauville's ook aardig wat andere motoren. Zo op het eerste gezicht waren er veel meer van de nieuwere NT700, dan van het oudere type, de NT650. De motor werd op een vrij plekje neergezet, en helm en jas gingen uit. En toen merkte ik dat ik een oordopje verloren was, waarschijnlijk bij het tankstation. Dan maar zonder, want het reserve setje zat nog in de dikke jas van het motorpak.

Ik was op de juiste plaats, dat bleek. Een voorstel rondje volgde, en van de meeste namen vergat ik vrijwel direct de bijbehorende gezichten. Tja, je hebt zo'n hoofd of je hebt een ander. Nu was het tijd voor koffie, en even bijkomen. Voordat ik aan de koffie kon beginnen werd ik aangesproken door Frank, of ik het mailtje van hem had gehad. Ja, dat was dat allemaal goed gekomen, vertelde ik hem. Ik had op de club-site kunnen zien dat ik in zijn groep was ingedeeld, en dat gaf ook weer wat vertrouwen. Ik zou wel zien hoever ik mee kon rijden.

Iets voor elf uur waren er nog een paar mededelingen over de te volgen route, en stipt om elf uur begaf een ieder zich naar zijn of haar motor. Jassen aan, helmen op en met ongeveer vijf minuten afstand vertrokken de afzonderlijke groepen. Ik zat in de vierde en laatste groep, als tweede rijder. Voor me een ervaren voorrijder, achter me een ervaren rijder, wat kon er mis gaan?

Gewend als dat ik was aan toerritten met de CX club had ik vrijwel direct moeite om mijn voorrijder binnen een redelijke afstand te houden. Niet omdat hij zo idioot snel reed, nee, eerder dat hij veel vlotter door bochten schoof waar ik, gewend aan de oude CX500, vaker gas terugnam. Het eerste half uurtje was, zoals ik het later zei, hard werken. Werken aan het gas geven, afstand vinden, door de bocht gaan, al die dingen die een meer ervaren toerrijder als vanzelf 'eventjes' doet.

Daardoor had ik, in elk geval in het eerste gedeelte, minder oog voor het Achterhoekse landschap, wat een aaneenschakeling van bos en akkers, velden en wegen was. Vooral de wegen had ik wel veel aandacht voor. De meeste wegen van deze Achterhoekrit waren zeker in het begin gewone klinkerpaadjes. Net groot genoeg om een weg te zijn. Door het vele verkeer waren de zijkanten aardig ingereden, en het midden vertoonde een fraaie bolling. Gelukkig was het wel droog want anders was het vast een gladde boel geweest.

Ook hier in de Achterhoek had het twee nachten geleden flink geregend. Er waren bosweggetjes die nog de sporen van het noodweer op zich hadden liggen, in de vorm van takken en bladeren. Er werd door mij gedurende dat soort wegen meer aandacht aan de weg, dan aan de voorrijder of de omgeving gegeven.

De eerste stop was in het plaatsje Zwiep, aan de Zwiepseweg, tegenover een handelaar in landbouwvoertuigen. Hier stond de derde groep ook eventjes bij te komen van de rit, we waren al ruim een half uur aan het rijden over bobbelige en bochtige wegen en weggetjes. Een kleine sigaretten en/of benen strek pauze is dan welkom.

Omdat de derde groep, die voor ons behoorde te rijden, geen aanstalten maakte om te vertrekken liep onze voorrijder er naar toe, en suggereerde dat het toch echt wel lang genoeg was geweest, die pauze. En groep Drie zag in dat het wel weer tijd was om te vertrekken.

Enkele minuten later vertrok ook ons groepje weer. Maar niet voordat me op het hart gedrukt was om goed op het uitschakelen van de richtingaanwijzers te letten. Dat werkte net iets anders als op de CX, en het koste moeite om er aan te wennen. Waar ik vroeger de duim op het knopje kon houden, en zodoende 'wist' dat ik nog moest terugschakelen, want mijn duim zat of naar links of naar rechts, nu moest het knopje een keertje ingedrukt worden om het knipperlicht te resetten. Gedurende de rest van de rit probeerde ik het advies te volgen, maar er waren toch momenten dat de voorrijder het bekende signaal gaf: knipperlicht staat nog aan....

Verder ging het door het steeds wisselend Achterhoekige landschap. Voorbij bomen, over bruggen die over beken lagen, langs boerderijen en over bos wegen, onder dicht bladerdak en blauwe luchten, langs riviertjes en beken. Het tempo bleef, naar mijn mening wel een tikje hoog, maar ik kon het bijbenen. Dat de Deauville rustigjes reed hielp natuurlijk ook wel.

Bijna een uur na het eerste rustpuntje in de route kwamen we aan bij Restaurant 'Grenszicht', vlak aan de grens met Duitsland. Ergens hadden we een andere weg genomen als een eerdere groep, want na ons, die tenslotte de laatste groep waren, kwam er toch nog een groepje motorrijders aan. Nou ja, dat was van later zorg. Het eerste punt was nu de verzorging van de innerlijke mens.

Binnen in het restaurant had ik al snel een Spa'tje te pakken, en met de bestelling voor mijn lunch was het ook in orde. En hoe! Een heerlijke uitsmijter werd voor me neer gezet. En nee, ik ging niet netjes en beleefd wachten totdat iedereen aan de tafel ook wat had, want dan werd mijn eten koud. Des te meer bestellingen er op de tafel gezet werden, des te stiller werd het in het zaaltje......

Word vervolgd.
Volgende week deel 2.

Zondagmiddag

Het is zondagmiddag, en wat zal ik eens gaan doen? Simpele vraag , meerdere mogelijkheden. Maar er staat sinds een paar dagen een Deauville achter het huis, een rode NT650, waar eerst mijn eigenste CX500, de Rode Rakker, stond. In de paar dagen dat ik eigenaar ben van deze NT650 is er 59 kilometer op gereden. Niet echt veel, van de winkel in Barneveld naar huis, en een ritje om na te gaan hoe en wat ik nu precies heb.

Want het is heel wat anders, het rood van nu is zo veel helderder dan het rood van de CX. De forse en riante ruit van de Polaris kuip is verdwenen en een veel slanker en kleiner exemplaar zit er op deze motor. De ruimte om spullen in op te bergen is ook vele malen kleiner, wat aan de kuipvakjes het eerste opvalt. Maar ook de gestroomlijnde koffers  bieden bij lange na niet de ruimte die de losse Krausers op de CX hadden. Maar hij is wel mooi, deze Deauville……

De Deauville dus. Kleine stukje zijn er op gereden, een proefritje en een rondje in de omgeving. Tijd om het groter aan te pakken.

Er werd wat nagedacht, maar omdat ik echt niet goed weet wat het weer zal gaan doen, gaat het warme pak aan in plaats van de zomerkleding. TomTom werd erbij gehaald, want hoewel ik van plan was zo maar wat te rijden is een kaart, digitaal of papier, toch wel handig. Rond half twee rolde ik de 650 naar de straat. Choke, ja, die zat ergens anders. Dan starten, en met een zacht gesnor sprong de motor tot mechanisch leven. Zijpootje inklappen en daar ging ik dan, de verten tegemoet. Tot het einde van de straat, want ik was vergeten om de benzinekraan te openen en om mijn oordopjes te plaatsen.

Via kleine en minder kleine wegen reed ik Ede uit. Voorlopig eerst maar even naar de buitengebieden, en dan kon ik altijd nog zien wat ik ging doen. Optrekken gaat goed, maar die remmen, daar moet ik echt wel aan wennen, die zijn veel beter als de remmen van de CX. Voorlopig zal ik wel blijven vergelijken, bedacht  ik me, na 13 jaar CX rijden.

Met al die vergelijkingen  rollen de kilometers vlotjes onder de banden door. En toen Otterlo naderde besloot ik om richting Harskamp te rijden. Rotonde driekwart, en verder maar weer. Ook in Harskamp bleek dat de Deauville en ik nog niet op hetzelfde spoor of op dezelfde weg zitten. Gewoonlijk weet ik aan het geluid van de motor ongeveer mijn snelheid en de CX reed precies zo snel als ik wilde. Maar deze Do deed het allemaal net iets sneller, was net iets sneller ingereden en gewend dan dat ik prettig vond, zeker in de buurt van snelheidcamera’s. TomTom waarschuwde gelukkig op tijd, anders zou het een duur ritje kunnen worden.

Eigenlijk was het mijn bedoeling om binnendoor via Garderen en Nunspeet te gaan rijden. Maar de Audi achter me leek er steeds langs te willen, dus ging ik de snelweg op.

Dat staat er dan zomaar: de snelweg op. Maar met proefritjes en naar huis rijden had ik nog geen meter snelweg met deze motor gereden. Toch, anderen zeggen dat het kan, dus het zal wel lukken. De afslag wordt genomen, waarbij de lastige Audi prompt ook die weg kiest, en daar belandde ik dan zomaar ineens op de A1. Niet te benauwd doen vond ik, maar wel overwogen en rustig aan. En zo reed ik de eerste kilometers met een beheerst gangetje van 100 km/u over de snelweg. Gaat best wel goed, vond ik. Maar dat windgeruis, dat was, in vergelijking met wat ik gewend ben, wel een luidruchtig iets.

En het werd nog erger toen ik het welletjes vond, en dat trage autootje voor me ging inhalen. Kijken, knippers, en een kleine beweging met het handje, en zoef, weg schoot de Deauville. Weer kijken, knipper en terug naar de rechterbaan. Geen probleem, sneller dan 100 km/u ging ook goed. Hoe snel eigenlijk? Dit was een stukje waar ik 130 km/u mocht, en ja, ook dat haal ik. Niet op de teller van de motorfiets, maar op de digitale berekende teller van de TomTom. De teller van de Deauville stond ergens tegen de 140 km/u aan.

Bij Apeldoorn werd de A50 gekozen. Ook hier hield ik de snelheid in de buurt van wat ik prettig vond, niet wat de motor kennelijk prettig vond. Uiteindelijk ben ik de bestuurder, en zal de motor aan mijn gedragingen moeten wennen. Maar dat nam niet weg dat er zo af en toe toch werd ingehaald, en toch de snelheid toch zo stiekempjes vaker bij de 120 dan de 100 zat.

De A50 werd de N50, Kampen verscheen en verdween aan de horizon en over de Ramspolbrug reed ik Flevoland in. Via Ens en Kraggenburg reed ik naar Vollenhove waar net de brug omhoog geweest was. Gehoorzaam sloot ik aan in de rij voertuigen……..

Zo kwam ik bij het doel, of beter gezegd bij Kadoelen, alwaar een camping is die al jaren het toneel is van het door de Honda CX club  georganiseerde treffen (Tweede weekend van augustus). Ik heb weliswaar geen CX meer, maar het treffen dat over een paar weken plaats vindt zal ik niet aan me voorbij laten voorbij. Er zijn overigens ook andere merken en typen motoren dan alleen de Honda CX welkom.

Na een praatje met de beheerder werd de TomTom ingeschakeld en verteld dat ik naar huis wilde rijden. TomTom had daar geen bezwaar tegen en stuurde me over de Kadoelenbrug naar Kraggenburg en Ens. Op dat moment vond ik het tijd om te gaan tanken. Tot dusver reeds de Deauville op de door de dealer geleverde benzine en dat al 195 km lang. Ergens zou het toch wel eens op zijn en dat wilde ik voorkomen, of er nou wel of geen 3,5 liter reserve in de tank zit.

Het was een onbemand tankstation, de Shell in Ens. Nou ja, als het niet anders kan, dan moet het maar. Rustig en stap voor stap werd er getankt en een bonnetje getrokken. Een foto van de kilometerstand en dagteller werd gemaakt voor de administratie en toen was het tijd om weer te vertrekken. Ens uit, rotonde, brug, nog een rotonde en daar was de N50 al weer. Met groeiend vertrouwen werd de machine naar de 100 km/u gebracht, een auto ingehaald en toen….

Toen werden de rem ingedrukt, want voor me begon het allemaal in eens veel langzamer te rijden. En weer besefte ik dat bij deze motor stoppen ook stoppen betekende. Ik moet snel leren om iets minder krachtig te remmen. Remmen op de CX duurde meestal wel even, maar hier was het direct: stoppen. Na de remkracht iets te hebben geminderd kwam ik nog ruim op tijd tot stilstand in de file die zich voor de Eilandbrug gevormd had. Gelukkig duurde deze opstopping niet lang, amper net lang genoeg om het laadplugje van de iPhone, gemonteerd in het linker zijvak van de kuip, iets aan te drukken. Om de een of andere reden schoot het plugje steeds uit de daar gemonteerde houder en dat was best wel lastig.

De Eilandbrug werd gepasseerd, en toen was de vraag: binnendoor of gewoon de snelweg. Enige kilometers voor de afslag Epe besliste de natuur deze vraag. Een flinke vlaag wind schoof mij met Deauville en al naar de linkerkant van de rijbaan. Ik heb dat wel eens eerder meegemaakt, maar ik blijf het niet leuk vinden. Dus toen de afslag Epe kwam verliet ik de A50. Even verderop werd de binnendoorroute naar huis aan de TomTom gevraagd. Ja, bedacht ik me, dat is de bekende weg, dat zou ook kunnen.

Via Emst en langs Vaassen ging de tocht. TomTom vond de weg langs het Apeldoorns kanaal wel mooi en ik had er geen bezwaar tegen. De lagere snelheid op deze 60 km weg verminderde ook het heftige windgeruis langs de helm en in mijn oren. Dat was wel erg prettig. Maar toen was daar Apeldoorn al. Even kijken, waar ben ik…..AH!! Bekend terrein. TomTom stond wel aan, maar was eigenlijk al niet meer nodig, bedacht ik me, rijdend in de richting Hoenderloo. Even werd gestopt op een parkeerplekje om vooruit te ‘appen’ wat mijn  aankomsttijd zou zijn. Daarna ging het weer verder……

Tussen Hoenderloo en Otterlo vond ik tijd om uit te proberen hoe hoog een ruitje op deze motorfiets zou moeten zijn om het merendeel van het windgeruis bij mijn hoofd weg te houden. Bij de gereden 80 km/u zou er toch bijna 10 cm ruit-verhoging bij moeten komen. Misschien kon ik nog wat ik elkaar knutselen….

Ede kwam dichterbij, en een kwartietje later parkeerde ik de Deauville op de plek waar eerst de Honda CX500 stond. Volgens de TomTom, die dat allemaal bijhield, was ik 235 kilometers onderweg geweest. Wat betreft het zitten voelde dat niet zo aan, maar wel had ik later last van mijn nek, tegendruk gevent aan de wind.

Toch een hoger ruitje …… ?

Een nieuw seizoen, een frisse start

Ook al is een Deauville (en een Pan, Goldwing, Trophy, etc. etc.) geen "seizoensgebonden" motor, toch spreken we bij de HDC ook van een "motorseizoen". Dat begint na het Clubdiner in februari en de Techniekdag in maart met de "Openingsrit". Half april, als het zonnetje al goed z'n best doet en de natuur "ontwaakt". Zo ook deze zondag...

Met -1 graad Celsius op de display stapte ik op de motor om naar Schoonhoven te reizen. Daar aangekomen was de temperatuur opgelopen tot een "bijna" comfortabele 2 graden boven nul. De wind langs de Lek maakte het "uitwaai-gevoel" compleet. Hebben we dit jaar uiteindelijk tóch nog een "midwinterrit".

:)

Gelukkig was de ontvangst wel "warm". Met koffie én taart vierden zo'n 50 HDC'ers het 10-jarig bestaan van de club.

Het was voor mij alweer een tijdje geleden dat ik een rit heb meegereden, maar dat was bijna niet te merken: de contacten waren als vanouds gezellig en hartelijk. Een mooie rit, veel bochtenwerk en een lunchlocatie die zó omvangrijk was dat we zelfs op de locatie nog verkeerd konden rijden.

Het is mooi om te zien hoe de club door de jaren heen is gegroeid met steeds weer nieuwe leden die "blijven hangen".
Een vaste groep voorrijders, Deauco's die de ritten uitzetten en op locatie alles in goede banen leiden, rijders die al jaren lid zijn en die regelmatig nieuwe mensen introduceren bij de club, alles bij elkaar een hele gezellige groep mensen met dezelfde hobby.

De 35e editie van "de" Motorbeurs.

De laatste jaren zijn er meerdere evenementen, beurzen en activiteiten bijgekomen die concurreren met "de" Motorbeurs Utrecht. En dat werkt, blijkbaar. Fabrikanten haken af, winkeliers organiseren zelf een leuk weekend met aanbiedingen en ook bij de HDC is de animo voor "de" beurs duidelijk minder groot aan het worden.

Ook ik was niet van plan deze keer de Motorbeurs te bezoeken. Voorgaande jaren ging ik altijd tweemaal, de donderdag (vaste prik) voor mezelf, met HDC'ers een bakkie doen en op m'n gemakje rondkijken. De zaterdag met m'n twee dochters, die ook het motorvirus te pakken hebben inmiddels. Dit jaar leek het voor m'n dochters al minder leuk, omdat een van hun favoriete activiteiten (quad/crossmotor rijden) niet meer zou komen. Dus besloten dit jaar over te slaan.

Tot twee dagen voor de beurs de SMvG (bekend van de HDC Goede Doelenrit 2018) een "like en win"-actie op facebook had, waar ik 2 kaarten mee won. Tja, zou ik dan toch? Ja, toch maar wel.

M'n vader meegevraagd, dochters hadden toevallig donderdagmiddag vrij van school, dus de ideale gelegenheid om de rustige donderdag eens met hun op de beurs rond te lopen. Doordat er weinig kinderen op de beurs waren, konden ze de enige kinderactiviteit (Mini trial rijden) uitgebreid doen. Ze hebben twee keer bijna een half uur rondjes gereden op de elektrische trialbikes van NonStop motoren. Een glimlach die hun gezicht in tweeën spleet, ondanks een onzachte aanvaring met de strobalen langs de kant. Ze stapten direct weer op en reden door.

Ook de trial-show van Alex van den Broek (ook al jaren te gast) was mooi om te zien. De Globe of Speed (die er een stuk kleiner uit zag dan wat ik me meende te herinneren) was ook leuk, al was de totale "show" daar amper tien minuutjes.

En verder, over de rest van de beurs. Veel motoren te zien, nieuw en tweedehands. Veel kleding. Helmen, handschoenen, prullaria. Echte leuke aanbiedingen ben ik helaas niet tegengekomen. Het geheel deed ook wat "minder" aan dan voorgaande jaren.

Een compleet ingerichte knalgele reclamestand voor de Lotto, nota bene. Inclusief opdringerige "straatverkopers" die hun script-gesprek beginnen met "Hallo, heeft u een minuutje voor me?" Sorry, maar wie dát heeft bedacht, zegt hiermee eigenlijk "Motorbeurs, dit is het einde!"

Het degradeert de thema-beurs tot een soort tweederangs dorpsbraderie. Als er dan écht geen motor gerelateerde standhouders meer te vinden zijn, laat dan alsjeblieft de boel leeg, maak het kleiner, doe een hal minder voor mijn part, maar ga niet op deze manier de ruimte invullen!

Maar dat is mijn persoonlijke mening, hoeft niemand het mee eens te zijn. Ik heb me er verder ook geen minuut aan gestoord, het heeft mijn plezier niet vergald. Want plezier heb ik gehad. Toch wel.

Een leuk dagje uit, quality-time met m'n meiden en m'n pa, dat was het beste van de hele dag.
Heb ik daar de Motorbeurs voor nodig? Nee, maar het hielp wel. Iets.

Wie nog gaat, wens ik een hele leuke dag, maak er wat van en geniet van de gezelligheid.

 

Uit ons foto-album

20160605_154009.jpg